Landelijk innovatieproject voor sterkte grasmat op zanddijken van start

Het Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDODelta) onderzoekt samen met Deltares, Infram en Radboud Universiteit Nijmegen hoe sterk de grasmat op zanddijken is. Dat doen we met proeven op de Vechtdijken tussen Dalfsen en Zwolle. Het project is onderdeel van het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), de grootste dijkversterkingsoperatie sinds de Deltawerken.

De eerste golven over de Vechtdijken

De proeven zijn gestart op maandag 14 december en duren tot eind maart. Op drie tot maximaal zes locaties op de Vechtdijken worden met een stellage golven nagebootst, die over en op de dijk klotsen. Gekeken wordt hoelang het duurt voor de grasmat kapot gaat én of en wanneer het zand uit de dijk spoelt. Na de proeven worden beschadigingen hersteld en extra in de gaten gehouden.

Waterschap stelt Vechtdijken met golven op de proef

Theorie en praktijk

Dagelijks bestuurslid Breun Breunissen (WDODelta): “We weten steeds meer over dijken en hoe we goede dijken voor de toekomst bouwen. Een goede dijk bouwen we vaak van klei. Het gras zorgt er voor dat de grond op z’n plek blijft. Er zijn allerlei modellen die berekenen hoe sterk een kleidijk is. Helaas zijn die er nog niet voor zanddijken, zoals langs de Vecht. In theorie is de grasmat op de Vechtdijken niet sterk genoeg voor extreme weerssituaties. Met de proeven onderzoeken we in de praktijk hoe sterk de grasmat écht is. Die gegevens gebruiken we voor het maken van een landelijke rekenregel én passen we gelijk toe in het project Veilige Vecht waarin we de dijk tussen Dalfsen en Zwolle gaan versterken.”

Eric Withaar (HWBP): “De proeven die WDODelta hier uitvoert, gaan mogelijk stevige besparingen opleveren op de dijkversterkingsopgave. Als blijkt dat de grasmat sterker is, als de gras-op-zanddijken dus beter bestand zijn tegen het golfgeweld dan vooraf ingeschat, hoeven we minder ingrijpende maatregelen te nemen. Dan vermijden we bijvoorbeeld ook het van ver halen van klei. Het gaat in Salland om ongeveer 15 kilometer langs de IJssel en nog eens 60 kilometer langs de prachtige Vecht. Het Hoogwaterbeschermingsprogramma draagt met trots bij aan de uitvoering van deze belangrijke proeven.”

Met de golfoverslagproeven wordt getest hoe kwetsbaar het gras op zand in de praktijk is

Hoogwaterbeschermingsprogramma

Het innovatieproject Gras op Zand is onderdeel van het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). Hierin werken waterschappen en Rijkswaterstaat samen aan de grootste dijkversterkingsoperatie ooit sinds de Deltawerken. Minimaal 1.300 kilometer dijken en daarnaast 500 sluizen en gemalen, worden de komende dertig jaar versterkt. Verdeeld over 18 projecten pakt WDODelta 180 kilometer dijken aan. Zo wordt gewerkt aan een land waar het veilig wonen, werken en recreëren is. 

Meer informatie

Meer informatie vind je op de projectpagina van Waterschap Drents Overijsselse Delta. 

Onderzoek nodig om zanddijken te innoveren

PHILIPPE SCHOONEN: We staan hier bij de Overijsselse Vecht die ook bedijkt is.
Het zijn primaire keringen, dus belangrijke waterkeringen, die zijn gemaakt van zand en dat maakt het moeilijk om aan te tonen dat ze sterk genoeg zijn.
Honderden jaren bouwen we al dijken in Nederland en we weten eigenlijk: een goeie dijk, die maak je van klei.
Hier langs de Vecht is gewoon weinig klei en hebben ze noodgedwongen de dijken van zand gemaakt grasbekleding erop laten groeien, en die grasbekleding geeft het sterkte.
Sinds 2017 hebben we een nieuwe norm.
Voor de dijken met klei is veel onderzoek gedaan en er zijn rekenmodellen beschikbaar die aangeven zo sterk is de dijk, dit kan hij hebben qua belasting.
Die modellen zijn er dus niet voor zanddijken.
Om dus te kunnen aantonen dat deze dijken veilig genoeg zijn hebben we gewoon onderzoek nodig om te laten zien: dit kan hij hebben qua golven dit kan hij hebben qua water dat eroverheen stroomt.
Daarvoor zijn proeven nodig en die willen we hier gewoon gaan uitvoeren om te kijken, op de dijk zelf: wat kan hij nou eigenlijk hebben als je er maar genoeg water tegenaan gooit?
De voorbereiding van het onderzoek start in januari en dan gaan we in de winter van 2021 ook echt de proeven doen met het water op de dijk laten botsen.
Er zijn beheerders die zeggen: Doe er maar gewoon klei overheen dan is de dijk sterk genoeg, zijn we klaar voor de toekomst.
Maar dat kost al snel 45, 55 miljoen euro om dat hier langs de Vecht te doen.
Is dat dan maatschappelijk verantwoord?
Deze dijken liggen er al 100 jaar, voldoen al 100 jaar en het ontbreken van een rekenregel kan toch niet de reden zijn dat we nu in een keer miljoenen uitgeven?
Dat is eigenlijk de aanleiding om te zeggen we gaan niet gelijk over tot die versterking, we gaan eerst kijken is het niet rekenkundig te onderbouwen dat ze wel degelijk sterk genoeg zijn?
Wat ik hier geleerd heb, en dat zou ook mijn advies zijn aan andere technische managers of projectmanagers van dijkversterking voordat je die schop in de grond zet, kijk of het echt nodig is.
Want we hebben goeie dijken, we hebben stevige dijken en we willen nog veiligere dijken.
Dat moeten we ook zeker blijven nastreven maar we moeten wel zeker weten wat daarvoor nodig is.
Dat moeten we onderbouwen en als daar nog ruimte zit moet je die ook gewoon pakken.
Want dat is voor iedereen in de omgeving gewoon het beste om nou ja, de dijkversterking, alleen dat te doen wat echt nodig is.

(Met op de achtergrond de Vechterweerdstuw en de Vecht verschijnt het logo van het HWBP.)